Minerale filters reflecteren maar tot 5%, ze absorberen het licht vooral

09:23 - 05:38
luistertijd 09:23 - leestijd 05:38

We leerden dat minerale zonnefilters UV-straling terugkaatsen en daarom milder zijn voor de huid. Maar dat verhaal klopt niet meer. Wat er echt gebeurt, speelt zich af op een ander niveau — dat van huidbiologie, formulering en gedrag op de huid.

Read the English version here

Fast read

Er zijn van die beautywaarheden die je na verloop van tijd niet meer kritisch bevraagt. Het is zoals het is, en zo dacht ik dat dus ook met de werking van minerale filters: ze weerkaatsen het zonlicht. Ze zijn zachter voor een gevoeliger huid. Jarenlang schreef ik dat ook, op basis van bedrijfsinformatie van merken. De waarheid is inmiddels een slag gedraaid. Dankzij kritische vragenstellers.

Als spiegeltjes in het zonlicht

Minerale filters bestaan uit mineralen: titaandioxide en zink. Je legt ze in een substantie over je huid heen en dan reflecteren ze als spiegeltjes het zonlicht. Mooi toch? En ach, ze zijn vele jaren te wit geweest, dat vonden we minder fijn. Maar inmiddels zijn daar oplossingen voor gevonden: de mineralen een stuk kleiner te maken en eventueel een kleurtje erbij te doen, dan los je die witte gloed op. Je krijgt er wel een mooie glans voor terug.

Niet reflecteren maar omzetten

Het klopt niet, en dat is eigenlijk al best lang bekend, al sinds 2016 toen Brian L. Cole en collega’s (2016, Journal of Investigative Dermatology) aantoonden dat die mineralen net zo goed als de synthetische (in de volksmond chemische-) filters de warmte van UV straling absorberen en omzetten in warmte die vervolgens weer door de huid wordt afgegeven. Die beroemde reflectie gebeurt maar voor ca. 4%. De rest is absorberen = omzetten = bescherming. Tegen UV-straling. Kortom: dat verhaal over het reflectieschild klopt maar een heel klein beetje.

UV-licht bestaat uit kleine energiepakketjes: fotonen. Als zo’n foton op een mineraaldeeltje botst, ontstaat niet automatisch een reflectie.

Bij zinkoxide en titaniumdioxide gebeurt dit:

  • het UV-foton heeft genoeg energie
  • die energie wordt opgenomen door elektronen in het mineraal
  • die elektronen worden even “aangeslagen” (gaan naar een hoger energieniveau)
  • en vallen daarna weer terug
  • en bij dat terugvallen komt energie vrij als warmte

Waarom geloofden we het?

Toch bleven we erin geloven, al was het maar omdat je die zichtbare witte waas op je huid zag liggen. Die werd altijd uitgelegd als je beschermende laag: de mineralen zouden het zonlicht terugkaatsen. Maar wat je ziet, is niet hetzelfde als wat er met UV gebeurt. Die witte waas ontstaat vooral door zichtbaar licht. In dat deel van het spectrum verstrooien en reflecteren minerale deeltjes inderdaad licht. Bij ultraviolet licht werkt het anders: dat wordt grotendeels geabsorbeerd, omgezet in warmte en weer afgegeven via de huid — net zoals bij synthetische filters.

Waarom dan toch zachter voor de huid?

Dat gezegd wordt dat minerale filters minder irriterend voor een gevoelige huid zijn, klopt wel. De buitenste laag van je huid — de hoornlaag — bestaat uit dode cellen. Het is je natuurlijke barrière. Minerale filters blijven daar grotendeels op liggen. Ze dringen nauwelijks door naar de levende huidlagen eronder.Dat betekent dat ze minder direct contact maken met cellen die kunnen reageren.

Dat betekent dat ze minder direct in contact komen met cellen die:

En daar zit de echte verklaring. Niet in de inwerking van het licht, maar in de biologie van je huid in relatie tot het type filter. Synthetische filters kunnen wel iets meer in de huid doordringen. Dat vergroot de kans irritatie, bij een gevoelige huid.

Wat de wetenschap zegt over allergieën

Allergische contactdermatitis en fotoallergische reacties, kortom allergie, wordt vooral beschreven bij synthetische UV-filters. Met name oxybenzone komt daarin vaak terug als bekende trigger. Een deel ding scheelt: oxybenzone wordt steeds minder in cosmetica gebruikt, vanwege de verdachtmakingen over hormoonverstoring. Het wordt overigens ook soms in make-up gebruikt om kleur stabiel te houden tegen de effecten van UV-straling. Octocrylene en homosalate horen ook in dit rijtje thuis, en helaas avobenzone ook – ook al is het een heel goed stabiel UVA filter.

Voor zinkoxide en titaniumdioxide worden dit soort reacties nauwelijks gerapporteerd. En ja, nu hoor ik je denken: welke synthetische filters zijn dan wel ok? Nou momenteel zijn dat Tinosorb, Mexoryl, Triasorb, als belangrijksten.

Read the English version here

Je smeert een complete formule

Het is trouwens belangrijk om je te realiseren dat je geen filter smeer, maar een complete formule. Met emulgatoren die water en olie bij elkaar houden, met conserveermiddelen, parfum, siliconen, filmvormers, pigmenten. Noem maar op. Elk van die componenten kan iets doen met je huid. Denk aan prikkelen of uitdrogen, of, in zeldzamere mate een allergische reactie geven.

Oke – mineraal, maar niet puur

En dan is er nog een misverstand over het idee dat mineraal natuurlijk is, puur is. Het zijn in werkelijkheid hightech ingrediënten. Ze worden altijd bewerkt om ze bruikbaar te maken. Ze krijgen een coating, bijvoorbeeld met silica, aluminiumoxide of siliconen zoals dimethicone. Onbewerkte deeltjes kunnen instabiel zijn, slecht verdelen of onder invloed van UV vrije radicalen op de huid laten ontstaan. Door coating voorkom je dit. Bovendien verbetert het de verdeling van de deeltjes in de formule. Het is wel jammer dat dit vrijwel nooit op de verpakking staat, persoonlijk vind ik dat wel belangrijk: dat ze gecoat zijn.

Transparanter dus eleganter….

En dan de witte waas kwestie. We zien dat ze steeds minder witte waas achter laten en dat is echt heel erg prettig. Grotere deeltjes verstrooien meer licht en ogen witter. Kleinere deeltjes daarentegen juist absorberen efficiënter en zijn minder zichtbaar. Vaak wordt er ook een tintje aan toegevoegd. Een ijzeroxide en dat is ook prima, omdat die stof extra beschermt tegen zichtbaar licht. Vooral bij melasma is dat wenselijk. Als je daarvoor nog extra bescherming wenst, let dan ook op claims als bescherming tegen blauw licht – helpt ook.

Read the English version here

En hoe zit het met nano?

Daar zit nog een gevoelig punt. Nano-deeltjes moeten in Europa op de verpakking worden vermeld. Ze worden gebruikt omdat ze mooier verdelen en minder zichtbaar zijn. Onderzoek laat gelukkig zien dat ze niet door intacte huid heen dringen, maar het woord “nano” blijft voor veel mensen beladen. Ook bij een kapotte huidbarriere is nano niet wenselijk. Overigens wordt er nog erg weinig nano gebruikt, men heeft inmiddels een deeltjesvorm gevonden die iets groter is dan nano maar wegblijft van de te grote deeltjes met witte waas als gevolg.

Tot 400 nanometer: het nieuwe speelveld

Het nieuwste punt van aandacht gaat over hoe diep UVA-straling in de huid komt, maar liefs tot 400 nanometer. En de nieuwste producten claimen nu ook dat ze op die diepte bescherming. Ik schreef er al over. Goed om te weten is dat zinkoxide een van die beschermers is.

De praktijk: hoe dik smeer je?

Uiteindelijk verschuift de discussie van wát je smeert naar hóe je smeert. Want hoe verfijnd een filter ook is — mineraal of synthetisch — de bescherming valt of staat met de laag die je daadwerkelijk op je huid aanbrengt.

In het lab wordt zonnebrand getest in een royale, gelijkmatige hoeveelheid die de meeste mensen in het dagelijks leven simpelweg niet halen. Te dun smeren betekent direct minder bescherming, ongeacht het type filter.

Read the English version here

Daar komt nog iets bij: de hechting van het product. Een goede zonnebrand vormt een egale film die blijft zitten, ook bij beweging, zweet en aanraking. Een elegant, licht product dat prettig smeert en daardoor royaal wordt aangebracht, beschermt in de praktijk vaak beter dan een ‘perfect’ geformuleerd product dat te dun of onregelmatig wordt gebruikt. Veiliger optie: kies voor water resistent of waterproof.

Meldt je aan voor onze wekelijkse nieuwsbrief, zo blijf je altijd op de hoogte (en check of de bevestingsmail niet in je spambox komt;-). Volg ons via Instagram.

PS: Beauty vraagt vandaag om visie, niet alleen om productkennis. Vanuit mijn 30+ jaar ervaring in de beautyjournalistiek en als uitgever van BeautyJournaal help ik teams trends, ingrediënten, regelgeving en consumentengedrag strategisch te duiden. Zoek je voor jouw team een inspirerende workshop? Ik geef hem! Mail me via info@beautyjournaal.nl

Lees ook